MEEM'64, Evolutie, Ideeën, Taal en Creativiteit

Gerard van de Schootbrugge (alias Gerard Espunt)

0096

Kerstverhaal, 9 oktober 2018

Een hoogpolige kerstboodschap

Het is hoogst ongewoon dat een schaap als eerste een nieuwe komeet ontdekt. Maar je moet maar zo denken, als het wel gewoon was dat schapen nieuwe kometen ontdekken had ik er verder geen woord aan vuil gemaakt. En ik had jullie er zeker niet mee lastiggevallen.

Maar volslagen idioot is het toch ook weer niet. Sterker nog, het is eigenlijk vreemd dat het niet vaker gebeurt. Hoewel, misschien gebeurt het wel vaker, maar hebben wij er geen weet van. Schapen zijn nogal op zichzelf. Dat merk je al als je in de buurt komt. Dan stuiven ze weg. Ze zijn het liefst onder elkaar. Onderling wordt er heel wat afgemekkerd. Over van alles. Meestal over het eten dat niet deugt. Dan moeten ze weer te ver lopen voor wat groen, dan is de hei weer te hoog zodat de uiers gaan schrijnen. Het is niet gauw goed. Over de kwaliteit van de wol wordt ook heel wat afgemekkerd. Dat begint meestal als ze terug zijn in de schaapskooi. ’s Middags om een uur of vier. Dan hoeven ze even niet op die rothonden te letten en op die vage figuur met dat fluitje. Die herder. En ja, dan gaan ze zich vervelen. En we weten allemaal dat een schaap dat zich verveelt, gaat mekkeren over de wol. Ze zijn op dat punt erg onzeker. Een schaap denkt al gauw dat de wol van de buren witter is. Dat is heel slecht voor het zelfbeeld. Daarom is het psychologisch verstandig in een kudde ook wat zwarte schapen op te nemen. Daar kunnen ze zich heerlijk tegen afzetten. De zwarte schapen hebben er verder geen last van. Die weten niet beter dan dat ze ook wit zijn. Dat zit namelijk in de genen van een schaap. Zwart-wit tegenstellingen kom je bij schapen niet tegen. Wel wit-wit. Niet helemaal wit heet bij schapen nit. Bij schapen komen geen zwart-wit conflicten voor, maar des te meer nitwit-discussies.

Wat ze heel erg vervelend vinden is die oranje verf op de achterpartij. Ze vermoeden dat de rammen verantwoordelijk zijn voor die graffiti. Maar bewijs het maar eens. Als het gebeurt dan kunnen ze niet achterom kijken. Maar aan de blikken van de andere meisjes merken ze wel dat ze er weer gekleurd opstaan. MeToo? zie je ze dan denken. En dan komt die gekmakende schaamte.

 Nu terug naar de komeet.

Als schapen ’s nachts niet in hun kooi zijn, liggen ze het liefst op hun rug in het veld omhoog te kijken. Nooit gezien? Dan kom je dus nooit ’s nachts in het veld als er schapen zijn. Als het niet bewolkt is, liggen ze, soms, op hun rug. Niet altijd en ook niet onafgebroken. Dat houden ze niet vol. Als het wel bewolkt is, liggen ze op hun zij en hopen ze maar dat ze nog kunnen opstaan als het fluitje gaat. Schapen zijn namelijk niet zo vlug ter been. Opstaan kost ze moeite. Maar de sterrenhemel, die kennen ze op hun duimpje. Toen er nog geen herders waren en ze alles zelf moesten doen, moesten ze ’s nachts hun weg zien te vinden naar drinkplaatsen en grazige plekken in de woestijn. Dan moet je wel een beetje kunnen navigeren anders ben je gauw uitgestorven. Koersen op de sterren, ze deden niet anders. Ze zijn dan ook zeer vertrouwd met de sterrenbeelden. Voorbeeldje. Schapen investeren alleen in lammeren als die bewezen hebben dat ze de Poolster aan de hemel kunnen vinden. Dit zijn de lammeren die later de grondstof leveren voor de hoogpolige tapijten. Ik heb gemerkt dat hier maar bar weinig consumenten van op de hoogte zijn.

Een schaap ziet ogenblikkelijk of er, van de ene nacht op de andere, iets aan de nachthemel is veranderd. Een staartster, hoe zwak ook, valt ogenblikkelijk op. Een staartster beweegt tussen de vaste sterren door. Hij komt naar ons toe. De schapen nemen de staartster heel serieus. Zij weten als geen ander dat de staartster een boodschapper is. En dat geeft een hoop gemekker. Ooit lagen hun herders te slapen, wat natuurlijk onvergeeflijk is. Ze moesten nota bene door engelen gewekt worden omdat er een bijzonder Kindje was geboren. Toen zijn ze met de hele kudde op zoek gegaan naar een kribbe waar het kindje te vinden was. Een staartster wees hen de weg. De rest is historie. Een lange historie.

Espunt, 9 oktober 2018 (eerste versie 2010)